Onze geschiedenis in een notedop

Onze Broederschap werd bij Bisschoppelijk Decreet van mgr. Frans Wiertz officieel in juli 2000 heropgericht, maar heeft een historie die meer dan 650 jaar teruggaat in de tijd!


Het vroegste begin
Door de eeuwen heen waren de Broeders niet altijd even actief en ook het soort activiteiten verschilde nogal. Tegenwoordig richt de Broederschap zich met name op de verering van Sint Jacobus en de bevordering van het pelgrimeren. Met name naar Santiago. Roermond is op die route een belangrijke pelgrimsstad en ook dat wil de Broederschap verder uitdragen.

De meesters of leden van de Broederschap werden in het vroegste begin in de regel gerekruteerd uit de bovenlaag van de samenleving, burgemeesters, schepenen en soortgelijke machtige functies. Op 1 augustus 1357 werd voor het eerst melding gemaakt van een Jacobusbroederschap -de ‘guede Sinte Jacops’- in Roermond, die rogge en penningen betaalde aan Coenraede Baeke, kapelaan van de H. Geestkapel. Als tegenprestatie diende hij aan het Jacobusaltaar periodiek missen te lezen.

Ook uit 1472 is een soortgelijke verklaring bekend, waarbij de toenmalige meesters van de Broederschap beloofden per week vijf missen te zullen laten lezen en een gezongen mis op maandag. Voor de betalingen kon de Broederschap putten uit onder meer goederen in Herten en van rentes uit hypotheken die verstrekt werden.
Sinds de middeleeuwen komt de Jacobus-Broederschap pas weer voor het eerst in 1612 in de archieven naar voren. De Broederschap had toen nog het zogenoemde begevingsrecht van het altaar, men was dus in de positie om een priester aan te stellen. Maar men beschikte nog slechts over beperkte inkomsten en dus bleef de Broederschap vooral een besloten elitair gezelschap, waar periodiek de maaltijden centraal stonden.

Niet alleen uit Roermond
Tussen 1612 en 1786 zijn er in totaal ongeveer 95 leden en rentmeesters bekend en telde de Broederschap meestal niet meer dan tien leden tegelijk. Net als de eeuwen ervoor behoorden de leden tot de sociaal-economische bovenlaag van de samenleving en zij waren zeker niet alleen uit Roermond afkomstig. Hun woonplaatsen Echt, Swalmen, Montfort, Thorn, Groenlo, Spiers, Arnhem (Hof van Gelre) wijzen in ieder geval op een bovenlokale uitstraling van de Broederschap. De leden hielden zich voornamelijk bezig met de financiën.
Uit de rekeningboeken van die tijd wordt duidelijk dat de grootste jaarlijkse uitgave viel op de maandag na St. Jacobsdag als op de zogenaamde teerdag de jaarrekening werd besproken. Er werd zwaar getafeld tijdens de besprekingen! Verder waren er uitgaven voor het opdragen van requiemmissen voor overleden leden en deelde men brood en wijn uit aan de behoeftigen. 
Na 1700 werd zelfs de teerdag niet meer gehouden en werd ook de ledenadministratie verwaarloosd. De Broederschap raakte in verval. Na 1754 was ze niet meer in staat om de uitdeling aan de armen te organiseren, hetgeen werd overgedaan aan het Hospitaal-Generaal.


Na 1780 kwam Roermond onder het bestuur van keizer Joseph II. Voor zijn gehele rijk gelastte hij in 1786 de opheffing van alle devotionele Broederschappen. Het was voor de zieltogende Jacobs-Broederschap het laatste duwtje, een maand later was de opheffing een feit.



Uit de 19e en de 20e eeuw zijn er opmerkelijk genoeg nauwelijks gegevens inzake Jacobus en zijn lokale cultus. Rond het midden van de 19e eeuw was er in ieder geval geen sprake van een bijzondere Jacobus-verering. De toenmalige deken van Roermond tekende in 1857 uitvoerig alle buitenprocessies op, die verband hielden met de feesten van grotere devoties en heilige patronen. Maar Jacobus werd daar niet bij genoemd. 

Omstreeks 1930 was er op 25 juli (tevens het patroonfeest van St. Christoffel) wel een viering van het feest van Jacobus en werd de reliek in de Jacobskapel ter verering uitgesteld.

Heropgericht
Eind jaren ’90 van de vorige eeuw is het idee ontstaan om de middeleeuwse Jacobus-broederschap, die dus in 1786 was opgeheven, opnieuw op te richten. Bij Jan Laugs, voormalig hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad, kwam die gedachte op, nadat hij met de toenmalige plebaan-deken mgr. dr. Theo Willemssen had gesproken over de mogelijkheid om de Jacobskapel in de Kathedraal te ‘revaloriseren’. Een vernieuwde kapel zou tot een hernieuwde verering van Jacobus kunnen leiden. Dit initiatief zou mogelijk ook door een groep van betrokkenen en de Roermondse Stichting ‘Pelgrimswegen naar St. Jacob’, kunnen worden ondersteund.

Laugs wist een aantal mensen enthousiast te krijgen voor het herstel van de Broederschap van de Heilige Jacobus de Meerdere. Informeel vond dat op 25 juli 1999 plaats en sindsdien werkte een comité onder leiding van Theo Willemssen aan een officiële heroprichting, die op 7 juli 2000 zijn beslag kreeg.


Doelen en samenstelling
De Broederschap wil de verering van Jacobus in de Roermondse Jacobuskapel instandhouden. Maar ook zijn verering in het algemeen bevorderen op religieuze, culturele en historische gronden, door onder meer (uit de statuten) ‘bedevaarten, lezingen en andere activiteiten rond Sint Jacobus’ te organiseren. Daarnaast wordt de stad Roermond gepromoot als pleisterplaats op weg naar Santiago.


De Broederschap is verbonden aan de Christoffel-kathedraal te Roermond en bestaat uit circa 18 broeders en novieten. De dagelijkse leiding is vandaag de dag in handen van de in juni 2014 door de Bisschop benoemde Proost Frank de Vries, de Griffier Paul Elshout, de Rentmeester Cees Kluijtmans en de Assessor Ghiel Pijpers. De geestelijke leiding is statutair opgedragen aan onze Prior, de plebaan-deken van de Kathedraal in Roermond, thans mgr. Ing. Rob Merkx.
De functie van Proost werd eerder vervuld door Thom Kentgens (thans ere-Proost) en Hans Pastwa.



Nieuwe leden worden door de Broeders zelf aangedragen en benaderd. Bij gebleken wederzijdse belangstelling volgt een noviciaat van een jaar. De broeders krijgen bij hun investituur een officieel kostuum aangemeten: een zwart fluwelen mantel met op de linkerzijde het wapen van de Broederschap en een zilveren draagmedaille. Inmiddels is ook de zwarte baret een vast onderdeel van ons kostuum.

Bisschoppelijke goedkeuring
In juli 2000 verleende bisschop Frans Wiertz zijn goedkeuring aan de heroprichting van de Jacobusbroederschap. Daartoe werd het onderstaande decreet uitgegeven:



+ Frans Wiertz 
bisschop van Roermond


DECREET

Oprichting van de kerkelijke instelling "Broederschap van de H. Jacobus de Meerdere" te Roermond ingevolge canon 116 § 1 van de Codex luris Canonici


Overwegende dat de hier voorgestelde Broederschap aan de in de kerkelijke voorschriften gestelde eisen voldoet, besluit ik hierbij tot de oprichting van de Broederschap van de Heilige Jacobus de Meerdere als een instelling in de zin van canon 114 §1 van de Codex luns Canonici.
Voorts verklaar ik dat voornoemde Broederschap ingevolge artikel 7 van het Reglement voor het R.K. Kerkgenootschap een zelfstandig onderdeel van het R.K. Kerkgenootschap in Nederland is en als zodanig rechtspersoonlijkheid bezit naar Nederlands recht ingevolge artikel 2 boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en verleen ik de door het kerkelijk recht vereiste goedkeuring als bedoeld in canon 117 van de Codex luns Canonici aan de aangehechte statuten van deze Broederschap.


Moge de Broederschap de in haar statuten vastgelegde doelstelling in alle opzichten in lengte van jaren verwerkelijken.



Roermond, 7 juli 2000



mr. G.H. Smulders, 
kanselier van het Bisdom
+ Frans Wiertz, Bisschop van Roermond